Jeugdallergie geveld

Schermafbeelding 2017-03-08 om 14.43.59

Mijn vader was een lieve, zachte man. Een creatieve amateurfilmer, die tussendoor werkte als buschauffeur. Zijn motto als filmer: bepaal je kader en laat het onderwerp bewegen, niet de camera. Wij, zijn zoons, waren een dankbaar onderwerp. Wij waren niet te stoppen, wilden altijd wel bewegen. En mijn vader stond erbij met zijn camera. Hij filmde ons op zelfgebouwde vlotten, tijdens schaatstochten op dun ijs, bij levensgevaarlijke brommercrosswedstrijden zonder helm, of windsurfend in een storm.

Zelf was hij een wat bangige man, die door zijn eigen vader niet was begrepen en wiens jonge jaren in het teken hadden gestaan van geweld. Hij was vijftien toen de Tweede Wereldoorlog begon. Op zijn 22ste vertrok hij als dienstplichtig militair naar Indonesië, om daar deel te nemen aan de politionele acties.

Ons liet hij alles doen wat hij zelf had gemist in zijn jeugd. Met onze vader als filmende toeschouwer konden mijn broers en ik ongestoord onze gang gaan. Het gevolg van die grenzeloze opvoeding was wel dat ik moeite had met structuur en autoriteiten. Mensen die mij iets wilden leren, vertrouwde ik niet; ik was gewend alles zelf uit te zoeken, met vallen en opstaan. Toch ben ik nieuwsgierig en leergierig, ik wil weten hoe het zit. Alleen, door dit dingetje met autoriteit heb ik nooit structureel leren leren.

Nu heb ik een huisje op een volkstuincomplex met veel bomen. Die moeten worden onderhouden door iemand met een motorzaagdiploma, dat schrijven de tuinregels voor. En zo beland ik bij de cursus ‘Motorzaagvelling voor beginners’. Docent John is strikt: veiligheid voor alles. De eerste twee dagen van de cursus krijgen we dan ook geen boom te zien. Toch weet hij onze aandacht vast te houden, want hij is een enthousiast en begenadigd verteller. Het lukt hem alle facetten van het motorzagen in kleine stukjes op te delen, waarbij hij het volgende stukje pas aanbiedt wanneer wij er klaar voor zijn.

Het volgend weekend zien we bomen staan met een kruis er op. ‘Deze mogen allemaal om, je weet nu hoe het moet’, zegt John. We worden opgedeeld in duo’s en krijgen de opdracht mee om alles wat we willen doen aan onze zaagpartner uit te leggen, stap voor stap, voordat we het daadwerkelijk doen.

Ik ga op pad met Daniël, een bioloog. Daniël is wat introvert en komt langzaam in actie, maar is erg gestructureerd . Ik leg altijd alles uit, wil meteen aan de slag en sla in mijnenthousiasme stappen over. Een goed duo dus. Wij opereren net zo strikt als onze leermeester John. Als de ander het niet eens is met een uitleg, volgt er geen actie. Dan overleggen we kort en nemen een gezamenlijke beslissing. Zo halen we op een veilige manier en precies volgens plan onze bomen om. Daniël legt zelfs twee in elkaar verstrengelde bomen keurig neer.

In een poging dit sterke staaltje te overtreffen, ga ik koortsachtig op zoek naar een nog grotere uitdaging en na lang zoeken vind ik een enorme boom. Ik leg aan Daniël uit hoe ik dit wil aanpakken en hij knikt. Maar als ik de motorzaag aantrek, merk ik hoe moe ik ben; kapot, van de hele dag zagen. Ik kijk omhoog naar de kruin en laat de boom staan.

Motor uit.
Zitten.

John ziet het gebeuren en steekt zijn duim op. ‘Als ik begin aan een perceel,’ vertelt hij, zet ik een extra dik kruis op één van de bomen. Dan zeg ik tegen mezelf: dit wordt de laatste boom die ik vandaag ga vellen. En op het einde van de dag, als ik aan die boom toe ben, laat ik hem staan.’

In de trein terug realiseer ik me dat John een enorme autoriteit is. En dat ik me door hem, stapje voor stapje, heb laten onderwijzen.

 

 

 

 

Geef een reactie